Verbinding door kwetsbaarheid?

De uitspraak van Matthew Wong over Vincent van Gogh — "Ik zie mezelf in hem. In de onmogelijkheid ergens toe te behoren in deze wereld" — resoneert diep in mijn eigen ervaring. Een gevoel van anders-zijn en het zoeken naar verbondenheid vormt een onderstroom in mijn werk.
Mijn religieuze opvoeding binnen een streng sektarische context heeft blijvende sporen nagelaten en beïnvloedt mijn beeldtaal tot op heden. Thema's als identiteit, isolatie, zelfbeeld en verlangen naar contact keren terug in mijn schilderijen en assemblages. Waar ik aanvankelijk voornamelijk abstract werkte, bleek dat er te veel verborgen bleef. Door symboliek en figuratieve elementen toe te laten, werd mijn werk directer en persoonlijker.
Ik werk intuïtief en expressief, vanuit een innerlijke urgentie. Kleur wordt ingezet vanuit rauwe emotie. Ik maak gebruik van uiteenlopende materialen, waaronder hergebruikte elementen, collage en gelaagde schildertechnieken. De fysieke handeling — het directe aanbrengen van verf, het experimenteren met materiaal — is essentieel. Vrijheid in het maakproces is voor mij onlosmakelijk verbonden met overleven en autonomie.
De invloed van kunstenaars als Frida Kahlo en Jean-Michel Basquiat ligt niet in stijl, maar in hun moed om het persoonlijke zichtbaar te maken. Hun werk herinnert mij eraan dat kwetsbaarheid geen zwakte is, maar een mogelijkheid tot verbinding.
In mijn werk zoek ik naar beelden die toegankelijk zijn zonder zich volledig te verklaren. Ik hoop ruimte te creëren waarin de toeschouwer zichzelf kan herkennen — niet in het verhaal, maar in de emotie. Verbondenheid ontstaat wanneer we onszelf in de ander durven zien.
